slideshow_14.jpg

Prostaatproblemen

Benigne of goedaardige prostaathypertrofie (BPH)

Komt voor bij 50% van de intacte (niet-gecastreerde) reuen van 5 jaar oud. Normaal verschijnsel, echter er kunnen klachten door ontstaan, meestal vanaf de leeftijd van 8 jaar. De groei en de secretie van de prostaat wordt beïnvloed door testosteron, het mannelijk geslachtshormoon. Soms bemerkt men per toeval een vergrote prostaat bij het onderzoek, maar heeft het dier geen klachten, er hoeft dan geen therapie te worden ingesteld. Vanaf een jaar of 11 neemt de grootte spontaan weer af, door seniele atrofie. Mogelijke symptomen van een te grote prostaat zijn (waterig) bloedverlies uit de penis onafhankelijk van het urineren, bloederige urine, moeite met poepen/plassen of platte ontlasting. Bij rectale of abdominale palpatie is de vergrote prostaat meestal te voelen, soms wordt hij zichtbaar op een röntgenfoto of op de echo. De prostaat blijft symmetrisch, met een glad oppervlak en een mediane raphe, palperen ervan is niet pijnlijk voor de hond. Behandeling: permanent: castratie geeft binnen 1 week reductie in grootte. Tijdelijk: chemische castratie (Suprelorin® chip (6-12 maanden, afhankelijk van de grootte van de hond), Vetadinon® injectie (4 weken), Ypozane® tabletten (6 maanden).

Prostaatcysten
Cysten kunnen zich vormen in (infra-) de prostaat zelf of er aan vast (para-). Cysten kunnen ontstaan ten gevolge van metaplasie of samen met een oestrogeenproducerende sertoliceltumor van de testikel(s). De diagnose is eenvoudig te stellen middels echografie of radiografie. De therapie is chirurgisch draineren (omentaliseren), opvullen of verwijderen.

Squameuze metaplasie van de prostaat Secundair aan exogene of endogene oestrogenen (vrouwelijke hormonen). Definitieve diagnose middels prostaatbiopt (onder echobegeleiding).

Acute of chronische prostatitis/prostaatabces
Er treedt een verhoogd risico op prostaatontsteking op door:
urineweginfecties, verminderde lokale afweer, veranderde prostaatstructuur (BPH) of lokale vochtophoping (cysten). Meestal zien we het bij intacte reuen, maar het kan ook bij gecastreerde reuen voorkomen. Voorkomen is beter dan genezen!

- Acute prostatitis
Plots zeer zieke honden die vaak met spoed worden binnengebracht. Klachten: sloom, braken, koorts, bloed of etter uitscheiding uit penis, moeite met plassen, bloed of etter bij de urine, persen, niet kunnen poepen, buikpijn, stijve gang, vermageren, niet willen dekken, onvruchtbaarheid en soms pijnlijke testikels. Diagnose: op basis van symptomen, vaak een asymmetrisch vergrote en pijnlijke prostaat, kweek of microscopisch onderzoek van prostaatvocht, röntgenfoto/echo, bloedonderzoek: ontstekingsbeeld met linksverschuiving. Therapie: langdurig geschikt antibioticum (4-6 weken), castratie (anti-androgenen?), pijnstilling.

- Chronische prostatitis
Vanaf 3 keer acute prostatitis of indien geen effect na behandeling. Deze dieren hebben niet altijd koorts en zijn vaak niet doodziek. De diagnose is moeilijker te stellen. Diagnose: prostaatspoeling, prostaatbiopt. Behandeling: Het is zeer belangrijk om het juiste antibioticum te kiezen, omdat dit antibioticum in de acini van de prostaat moet doordringen om optimaal effectief te kunnen zijn. Liefst definitieve antibioticum keuze op basis van bacterie kweekresultaten. Het is een langdurige therapie: van 6 weken tot soms wel 6 maanden! Koortsremming, en met name pijnstilling, zijn heel belangrijk.

Prostaattumoren
Prostaattumoren ontstaan onafhankelijk van hormonen en komen zelfs iets vaker voor bij gecastreerde reuen (met name de Bouvier is na castratie erg gevoelig voor het ontstaan van kwaadaardige prostaattumoren). Het gaat meestal om een kwaadaardig adenocarcinoom. Klachten: persen bij het ontlasten en bij het urineren, bloed in de urine, vermageren, nekpijn of coördinatiestoornissen (laatste 2 door uitzaaiingen naar het ruggenmerg). Diagnose: palpatie: zeer onregelmatige, bobbelige, asymmetrische prostaat, contrast röntgenfoto: mineralisatie prostaatweefsel of platgeduwde plasbuis, soms uitzaaiingen naar de (rug)wervels, vergroting lymfeknoop, röntgenfoto borstholte: uitzaaiingen naar de longen. Al deze onderzoeken zijn heel belangrijk in het kader van stagering van de tumor (hoe erg zijn de gevolgen al). Een exacte diagnose (typering van de tumor) kan gesteld worden door bioptname onder echobegeleiding of door een prostaatspoeling (celletjes van de tumor kunnen door een spoeling via de plasbuis uitgespoeld worden, waarna ze onderzocht kunnen worden om de definitieve diagnose te stellen). Een adenocarcinoom van de prostaat heeft een bijzonder slechte prognose. Er zijn middelen die de levensduur nog iets kunnen verlengen en in ieder geval het resterende leven aangenamer kunnen maken (palliatief).

De Boog 74
1741 MT Schagen
T:  0224 - 218 997
E: info@dkzuiderkaag.nl